Ik maak deel uit van de zogenoemde Raad voor Economische Ontwikkeling voor de regio Amersfoort. Deze week organiseert de Kamer van Koophandel met de gemeente Amersfoort een bijeenkomst over het bevorderen van de economische vitaliteit.

Vitale wijken en lokale economie – verstedelijkingsopgave – 150.000 woningen erbij – krimpheffing – staatssteun en schrapende hoeven 

Kwaliteit van wonen en werken
Ik maak deel uit van de zogenoemde Raad voor Economische Ontwikkeling voor de regio Amersfoort. Deze week organiseert de Kamer van Koophandel met de gemeente Amersfoort een bijeenkomst over het bevorderen van de economische vitaliteit. Gerard Marlet is eind vorig jaar gepromoveerd op ‘De aantrekkelijke stad’ en houdt een interessant verhaal. Hij houdt zijn gehoor voor dat het oplossen van files voor een gemeente duizenden arbeidsplaatsen oplevert. Kan best kloppen maar erg realistisch is dit niet. Al was het alleen maar omdat economische groei weer meer congestie teweegbrengt. Zo blijf je achter de feiten aanhollen. Hij beweert ook dat het wonen grote invloed heeft op de economische mogelijkheden van een stad. Aantrekkelijke steden, met een mooie historische binnenstad, een groene omgeving en aantrekkelijke woonmilieus trekken bedrijven. Werken volgt wonen. Marlet geeft aan dat aantrekkelijke woonmilieus voor driekwart de aantrekkingskracht in economisch opzicht van een gemeente verklaren. Investeringen door corporaties in onder meer vitale wijken hebben  een directe relatie met de kwaliteit van de lokale economie en de veiligheid. Hier zouden we meer aandacht aan moeten besteden.

Investeringsopgave
In deze tijd hebben we de neiging om vooral naar vandaag en morgen te kijken. Wij besloten om ook na te gaan wat we op de lange termijn te doen hebben. Wat is onze investeringsopgave in de komende 20 jaar? Eerder besteedden we aandacht aan het vernieuwen van onze bestaande woningen. Nu gaan we na wat de verstedelijkingsopgave is in het gebied waarin we werkzaam zijn. Jan van Barneveld, directeur Ontwikkeling bij de Alliantie, is de trekker van dit project. Hij heeft de omvang van de verstedelijking in kaart gebracht. Door gesprekken met een zestal experts proberen we de kwantitatieve opgave in te kleuren. Deze week voeren Jan en ik de eerste drie gesprekken. Het valt me op dat de gesprekken zich snel toespitsen op de opgave in Almere. Deze spreekt blijkbaar tot de verbeelding. Onze gesprekspartners zijn unaniem in hun opvatting dat Almere vooral aantrekkelijk is voor huishoudens met kinderen en dat slechts op bescheiden schaal woonmilieus met veel hoogbouw gerealiseerd zouden moeten worden. Almere maakt zich sterk voor het aantrekken van hoger onderwijs. Degenen die wij spreken vinden dit essentieel. De noordvleugel van de Randstand krimpt de komende decennia niet. Dit komt door de ligging en de economische aantrekkingskracht van dit deel van ons land. In de noordvleugel is in de komende 20 jaar de bouw van 150.000 woningen voorzien. Ik had nog enige twijfel of er wel vraag is naar zoveel nieuwe woningen. Onze gesprekspartners hebben geen twijfel: dit aantal is nodig om aan de vraag te voldoen. Van corporaties wordt een belangrijke bijdrage aan deze opgave verwacht. Verwacht wordt dat veel projectontwikkelaars verzwakt uit de crisis komen en veel minder investeringscapaciteit hebben dan voor de crisis.

Krimp aan de top
Het CDA stelt voor dat corporaties een ‘krimpheffing’ gaan betalen en minister Van der Laan vindt het een goed voorstel. Een redacteur van een tijdschrift vraagt mij wat ik daar van vind. Dat het CDA met een dergelijk voorstel komt is niet zo gek. Het is wel opvallend dat een PvdA-bewindspersoon het daar mee eens is. Toen de politiek nog langs voorspelbare lijnen verliep, was de stad van de PvdA en de regio van het CDA. Ik vind het een onzalig voorstel. Het lijkt wel of er een hitparade van de opgaven van  corporaties is. Ella Vogelaar zette de wijken op 1 en nu lijkt de toppositie door de krimp te worden overgenomen. De opgaven van corporaties concentreren zich op de wijken, de verstedelijking en de krimp. Daar moet geen rangorde in gemaakt worden. De Vogelaarheffing was slecht. Er werd niet gekeken of de betaler van de heffing de gelden wel kon missen en of de ontvanger deze wel nodig had. Met een eventuele ‘Van der Laan-heffing’ is dit niet anders. Breng regionaal de opgaven in kaart, ga na of in de betreffende regio voldoende financiële middelen zijn om de opgave aan te kunnen. Als dit niet het geval is, kan een heffing uitkomst bieden. Geen generieke heffingen, wel specifieke.

Beleggers aan zet
Het vakblad Building Business heeft een gesprek georganiseerd over de heroverwegingen en het wonen. Onder meer Wienke Bodewes en ik nemen er aan deel. Wienke is sinds kort voorzitter van de NEPROM en prominent lid van de IVBN, de vereniging van institutionele beleggers. De IVBN heeft indertijd een klacht ingediend bij de Europese Commissie over ongeoorloofde staatssteun. De IVBN wilde dat corporaties woningen met een huur boven de € 520 huur per maand zonder staatssteun gingen bouwen. Zoals bekend is de grens op € 648 bepaald. De IVBN heeft op dit punt redelijk haar zin gekregen. Ik verwacht dat hierdoor corporaties per jaar 10.000 woningen minder kunnen bouwen. Er zijn collega’s die mijn schatting aan de lage kant vinden. Ik daag Wienke uit: beleggers moeten maar in dit gat springen en per jaar 10.000 woningen meer gaan bouwen. Ik kreeg niet de indruk dat beleggers met schrapende hoeven klaar staan om dat ook te gaan doen.
Jim Schuyt (8 – 12 februari)