Ik ben voorzitter van de Raad van Commissarissen bij een plaatselijke Rabobank. Voor deze nevenfunctie ben ik indringender tegen het licht gehouden dan bij mijn aanstelling als corporatiebestuurder.

Focus op energetische maatregelen en onderhoud – nieuw elan in medezeggenschap – het belang van sterk, gezaghebbend toezicht – sociale agenda Almere

Kabinet neemt bescheiden maatregelen
Deze week woon ik in Den Haag enkele informele bijeenkomsten bij over de economische problemen en de steunmaatregelen voor de bouw. Opvallend is dat alle gesprekpartners de grote problemen op de woningmarkt onderkennen en tegelijk accepteren dat het kabinet met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid geen maatregelen neemt om de woningmarkt in beweging te brengen. Voor wat betreft de woningmarkt is het wachten op het advies van een SER-commissie. En die neemt er de tijd voor. Dit betekent dat er niets anders op zit dan dat we op dit punt onze kaarten op een nieuw kabinet moeten zetten. Het zijn dagkoersen, maar alles wijst erop dat er bescheiden tijdelijke maatregelen worden afgekondigd om het uitvoerend bouwbedrijfsleven te steunen. De focus is hierbij gericht op het stimuleren van energetische maatregelen en onderhoud van woningen. Bij de energiebesparing is er nog een discussie of dit het best kan worden bereikt via de weg van subsidies of via fiscale maatregelen. Wat mij betreft wordt voor het laatste gekozen. Ik heb slechte ervaringen met subsidies en energiebesparing. Als er subsidie is, springt ongeveer iedereen er boven op en is de pot binnen de kortste keren leeg. Vervolgens stoppen de investeringen en bleef het zoals het was. Fiscale maatregelen – zoals de groenfinanciering – hebben een structureler karakter. Minister Van der Laan heeft aangegeven dat het kabinet – eindelijk – heeft ingestemd met de tijdelijke verhoging van de grens voor de WSW-borging. Begin deze week zullen de kabinetsvoorstellen wel wereldkundig worden gemaakt. Ik ben benieuwd of het bij deze bescheiden maatregelen blijft, of dat we nog worden verrast.

COR wordt OR
Donderdag vergader ik voor de laatste keer met de Centrale Ondernemingsraad. Met de afronding van het project ‘Nieuw Elan’ krijgen we bij de werkmaatschappijen, de Alliantie Ontwikkeling en ons Shared Service Center (SSC) commissies en voor de Alliantie als geheel een ondernemingsraad. Aan de vooravond van deze verandering hebben de COR en ik nog enkele heikele punten op te lossen. Onder meer een advies over een nieuwe leaseregeling. Tot op het laatst blijft de COR kritisch en ook constructief. Ik hoop en verwacht dat we een sterke OR krijgen. Ik heb als bestuurder alle belang bij een constructieve, kritische en bovenal sterke medezeggenschap.

Meer aandacht voor het interne toezicht
Ik lever een bijdrage aan een symposium over de verhoudingen tussen de rijksoverheid en de corporaties. Het advies van de commissie-Meijerink staat centraal. Ik stel opnieuw vast dat er voor de hoofdlijnen van het advies een groot draagvlak is. De verschillen spitsen zich toe op de uitwerking, bijvoorbeeld op de vraag welke positie het Centraal Fonds voor de Volkshuisvesting (CFV) gaat spelen. Ik kan me niet voorstellen dat partijen zich in de uitwerking niet kunnen vinden. In het advies van Meijerink is sprake van een ‘Woonautoriteit’. Ik spreek van een ‘Volkshuisvestingsautoriteit’. Hugo Priemus is over de laatste typering zeer te spreken en geeft aan dat hierdoor de helft van zijn kritiek op de voorstellen van De Vernieuwde Stad al is verdampt. Ik benadruk dat we ons te veel concentreren op het externe toezicht. Dit is kennelijk politiek het meest belangwekkend. Van veel meer belang is de positie en de kracht van het interne toezicht. De laakbare stijl van het bestuur van Rochdale en de problemen bij SGBB hadden door goed intern toezicht voorkomen kunnen worden. Het externe toezicht moet erop worden gericht om het interne toezicht te versterken. Bestuurder zijn van de Alliantie is mijn vijfde baan waar ik eindverantwoordelijkheid ben en ik heb ervaren dat een bestuurder alle belang heeft bij sterke en gezaghebbende toezichthouders. Sterke toezichthouders zijn rolvast. Als bestuurder weet je waar je aan toe bent en waar je grenzen liggen. Zwak toezicht is onvoorspelbaar en heeft de neiging op de stoel van de bestuurder te gaan zitten. Ik pleit er ten slotte voor om bij de aanstelling van bestuurders van woningcorporaties een deskundigheid- en integriteittoets uit te voeren. Ik ben voorzitter van de Raad van Commissarissen bij een plaatselijke Rabobank. Voor deze nevenfunctie ben ik indringender tegen het licht gehouden dan bij mijn aanstelling als corporatiebestuurder.

Werkbezoek Almere
Na onze vergadering van de concerndirectie brengt onze Raad van Commissarissen en de directie vrijdagmiddag een werkbezoek aan Almere. Ik ben onder de indruk van de  presentatie van de projectleider die in opdracht van de gemeente verantwoordelijk is voor de sociale agenda van de uitbreiding van Almere, de schaalsprong. Zonneklaar is dat er veel meer aandacht moet komen voor onderwijs. Vooral de kwaliteit van het basisonderwijs in Almere moet verbeteren. Opvallend is dat Almere zich geheel en al richt op Amsterdam en de meeste kaarten zet op de ontwikkeling aan de westkant van de stad. Dit betekent dat vooral gedacht wordt aan een stedelijke ontwikkeling. Ik snap niet waarom Almere niet meer inzet op datgene wat steden als Amsterdam en Utrecht niet of nauwelijks hebben, namelijk ruimte en veel mooie, grondgebonden woningen.

Jim Schuyt (16 – 20 maart)